VERBOD
Rond - rood-wit
Een rond bord met witte achtergrond, rode rand en rode diagonale balk. Het verbiedt gevaarlijk gedrag: roken, vuur maken, toegang voor onbevoegden, gebruik van een toestel. Het zwarte symbool staat midden op het wit.
Wat veiligheids- en gezondheidssignalering precies is, welke vijf pictogramcategorieën en kleurcodes het KB van 17 juni 1997 oplegt, wanneer signalisatie verplicht wordt en hoe je ze onderhoudt en zichtbaar houdt - voor elke Belgische werkgever met personeel.
Het KB van 17 juni 1997 koppelt elke risicoboodschap aan een vaste vorm en kleur. Aan de vorm en kleur herken je de bedoeling, ook zonder de tekst te lezen.
VERBOD
Een rond bord met witte achtergrond, rode rand en rode diagonale balk. Het verbiedt gevaarlijk gedrag: roken, vuur maken, toegang voor onbevoegden, gebruik van een toestel. Het zwarte symbool staat midden op het wit.
GEBOD
Een rond bord met blauwe achtergrond en wit symbool. Het verplicht een veilig gedrag: veiligheidsbril, gehoorbescherming, helm, veiligheidsschoenen of handschoenen dragen. Het blauw moet minstens 50 % van het bordoppervlak beslaan.
WAARSCHUWING
Een gele driehoek met zwarte rand en zwart symbool. Ze waarschuwt voor een gevaar of risico: gevaarlijke stoffen, elektriciteit, struikelgevaar, heftrucks, laser of biologisch agens. Het geel moet minstens 50 % van het oppervlak beslaan.
REDDING
Een vierkant of rechthoekig bord met groene achtergrond en wit symbool. Het wijst de weg naar veiligheid: nooduitgang, vluchtroute, EHBO-post, oogdouche, noodtelefoon of verzamelplaats. Het groen moet minstens 50 % van het oppervlak beslaan.
BRANDBESTRIJDING
Een vierkant of rechthoekig bord met rode achtergrond en wit symbool. Het lokaliseert brandbestrijdingsmateriaal: brandblusser, haspel, brandslang, ladder of brandmelder. Het rood moet minstens 50 % van het oppervlak beslaan.
Het KB koppelt elke veiligheidskleur aan een vaste betekenis. Dezelfde code geldt voor borden, voor de markering van leidingen en hindernissen, en voor lichtsignalen.
| Kleur | Betekenis | Vorm | Voorbeeld in de praktijk |
|---|---|---|---|
| Rood | Verbod / brandbestrijding / gevaar - stop | Rond (verbod) of rechthoekig (brand) | Rookverbod, noodstop, brandblusser, brandhaspel |
| Blauw | Gebod / verplichting | Rond | Verplicht helm, bril, gehoor- of voetbescherming dragen |
| Geel of amber | Waarschuwing - opletten, voorzichtig | Driehoek | Gevaarlijke stof, elektriciteit, struikel- of valgevaar |
| Groen | Redding / hulp / veilige toestand | Vierkant of rechthoekig | Nooduitgang, vluchtroute, EHBO, verzamelplaats |
Signalisatie is geen vrije keuze, maar het sluitstuk van de preventiehiërarchie. Ze komt pas in beeld voor het risico dat overblijft.
Veiligheidssignalisatie is volgens het KB van 17 juni 1997 verplicht telkens een restrisico niet kan worden vermeden of voldoende beperkt met collectieve technische maatregelen of met de organisatie van het werk. Ze vervangt die maatregelen nooit - een bord 'gehoorbescherming verplicht' is geen alternatief voor het dempen van de lawaaibron, maar een aanvulling erop. Eerst los je het gevaar op aan de bron; pas wat dan nog overblijft, signaleer je.
Welke signalisatie waar nodig is, leidt de werkgever met de IDPBW af uit de risicoanalyse: die brengt de restrisico's per werkpost in kaart en bepaalt of een verbods-, gebods-, waarschuwings-, reddings- of brandbord vereist is. PreventX kan hen daarbij ondersteunen en het signalisatieplan ter plaatse uitwerken via on-site HSE-support. Zo staat elk bord op de juiste plaats, in de juiste kleur en vorm, en sluit het aan op je preventiedossier.
Een bord werkt alleen als het zichtbaar, leesbaar en op de juiste hoogte hangt. Het KB stelt eisen aan plaatsing én aan onderhoud.
Een verbods-, gebods- of waarschuwingsbord hoort bij de toegang tot de risicozone of vlak bij het gevaar zelf, op ooghoogte en in het normale gezichtsveld. Reddings- en brandbestrijdingsborden plaats je zo dat ze vanaf elke plaats in de ruimte zichtbaar zijn en de vluchtroute logisch volgen. Hang nooit zo veel borden samen dat de boodschap verdrinkt - overdaad ondermijnt de zichtbaarheid.
Een bord dat in het donker niet leesbaar is, voldoet niet. In ruimtes waar het licht kan uitvallen, gebruik je nood- of veiligheidsverlichting, of fotoluminescerende (nalichtende) borden voor vluchtroutes en nooduitgangen. De zichtbaarheid moet gegarandeerd blijven, ook tijdens een stroomonderbreking of een evacuatie in rook.
Naast borden erkent het KB ook lichtsignalen, geluidssignalen (sirene, claxon), mondelinge mededelingen en handgebaren - bijvoorbeeld bij het begeleiden van hijswerk of voertuigbewegingen. Voor een evacuatie of een gevaarlijke manoeuvre is een hoorbaar of zichtbaar signaal vaak doeltreffender dan een statisch bord. Stem de signalen op elkaar af zodat ze elkaar niet tegenspreken.
Signalisatie moet permanent in goede staat blijven: niet vervaagd, niet beschadigd, niet afgedekt door rekken, machines of affiches. Neem de controle van de borden op in je periodieke rondgangen en in het takenpakket van de preventieadviseur. Vervang verkleurde of beschadigde borden en pas de signalisatie aan zodra de inrichting, een proces of een machine verandert - anders wijst je signalisatie naar een risico dat verschoven of verdwenen is.
Veiligheidssignalisatie wordt geregeld door het KB van 17 juni 1997 betreffende de veiligheids- en gezondheidssignalering op het werk. Dat besluit is opgenomen in de Codex Welzijn op het Werk (Boek III, Titel 6) en vloeit voort uit de Welzijnswet van 4 augustus 1996. Het legt de verplichte kleuren, vormen en pictogrammen vast.
Er zijn vijf categorieën: verboden (rond, rood-wit), geboden (rond, blauw), waarschuwingen (gele driehoek), redding en hulp (groene rechthoek) en brandbestrijding (rode rechthoek). De vorm en de veiligheidskleur dragen de boodschap, zodat een werknemer de bedoeling herkent zonder de tekst te lezen.
Rood staat voor verbod, brandbestrijdingsmateriaal en gevaar (stop). Blauw staat voor een gebod of verplichting, zoals het dragen van een helm of bril. Geel of amber waarschuwt voor een gevaar of risico. Groen wijst op redding, hulp, een nooduitgang of een veilige toestand. Deze codes zijn wettelijk vastgelegd.
Signalisatie is verplicht telkens een risico niet kan worden vermeden of voldoende beperkt met collectieve technische maatregelen of met de organisatie van het werk. Ze is een aanvulling op die maatregelen, geen vervanging. Je risicoanalyse bepaalt per werkpost welk restrisico signalisatie vereist en welk type bord nodig is.
Borden moeten permanent zichtbaar, leesbaar en onbeschadigd blijven, op de juiste hoogte en niet afgedekt door rekken of machines. Voorzie voldoende verlichting of nalichtende borden voor vluchtroutes. Controleer de signalisatie periodiek, vervang verkleurde of beschadigde borden en pas ze aan zodra de inrichting, een proces of een machine wijzigt.
Nee. PreventX is geen gespecialiseerde preventiepartners. PreventX ondersteunt de werkgever en de IDPBW bij de risicoanalyse, de keuze van signalisatie en de uitwerking van het signalisatieplan. Alleen voor opdrachten die de interne dienst niet zelf kan uitvoeren, doet de werkgever aanvullend een beroep op een gespecialiseerde preventiepartners.
Controleer bij een concrete beslissing steeds de actuele geconsolideerde tekst. De onderstaande overheidsbronnen zijn het vertrekpunt van dit dossier.
Officiële toelichting bij de signalering, de categorieën en de kleurcodes.
Het KB van 17 juni 1997 over de veiligheids- en gezondheidssignalering, opgenomen in de Codex.
Belgisch kenniscentrum over welzijn op het werk: pictogrammen, kleuren en toepassing.
Onze preventieprofessionals ondersteunen de werkgever en IDPBW bij de vertaling van de risicoanalyse naar een signalisatieplan en controleerbare plaatsingsafspraken.