Kennisbank · Bouw & Coördinatie

Veiligheidscoördinator op de tijdelijke of mobiele bouwplaats: wanneer is het verplicht?

Wanneer werken door minstens twee aannemers gelijktijdig of achtereenvolgens op dezelfde tijdelijke of mobiele bouwplaats worden uitgevoerd, ontstaat een coördinatieplicht. Deze gids legt de aanstelling, fasen en toepasselijke documenten uit.

Door Collectieve HSE-redactie·bijgewerkt
Kort antwoord
Een veiligheidscoördinator is in België verplicht zodra op één tijdelijke of mobiele bouwplaats werken worden uitgevoerd door minstens twee aannemers, gelijktijdig of achtereenvolgens. Dit volgt uit het KB van 25 januari 2001 en hoofdstuk V van de Welzijnswet. De drempel van 500 m² bepaalt niet of de coördinatieplicht ontstaat, maar welk regime geldt, wie aanstelt en welke instrumenten nodig zijn. Onder 500 m² stellen de bevoegde bouwdirecties aan; een opdrachtgever die werkgever is, kan die verplichting onder de voorwaarden van het KB overnemen. Op bouwplaatsen van minstens 500 m² en andere werven onder afdeling III stelt de opdrachtgever aan. Een formele coördinatiestructuur volgt niet automatisch vanaf 500 m², maar pas bij de cumulatieve criteria van artikel 37 of op gemotiveerd verzoek van de coördinator-verwezenlijking. Het V&G-plan en coördinatiedagboek zijn niet op elke werf in dezelfde vorm verplicht; het postinterventiedossier (PID) geldt waar het KB dat voorschrijft.

Wanneer is een veiligheidscoördinator verplicht?

De kernplicht volgt uit de tussenkomst van minstens twee aannemers. De oppervlakte bepaalt het toepasselijke regime, niet of coördinatie nodig is.

  1. 01

    Tijdelijke of mobiele bouwplaats

    Het KB van 25 januari 2001 geldt voor plaatsen waar de opgesomde bouw- of burgerlijke-bouwkundige werken worden uitgevoerd, zoals nieuwbouw, verbouwing, afbraak, onderhoud, wegenwerken en grondverzet. De aard en omvang helpen bepalen welk regime en welke instrumenten van toepassing zijn. De oppervlakte van 500 m² doet de coördinatieplicht bij meerdere aannemers niet ontstaan en is evenmin de automatische drempel voor een formele coördinatiestructuur.

  2. 02

    Minstens twee aannemers

    De kernregel: zodra de werken worden uitgevoerd door minstens twee aannemers, gelijktijdig of achtereenvolgens op dezelfde bouwplaats, is veiligheidscoördinatie verplicht. Werkt één enkele aannemer alleen, dan geldt de coördinatieverplichting in principe niet, al blijven andere welzijnsregels gelden. In de praktijk komt bijna elke bouwwerf met meerdere vakmannen, onderaannemers of opeenvolgende loten boven die drempel, waardoor coördinatie de regel is en niet de uitzondering.

  3. 03

    Coördinator-ontwerp én -verwezenlijking

    De coördinator-ontwerp wordt tijdens de studiefase aangesteld: de bouwdirectie belast met het ontwerp mag het project niet uitwerken zolang die coördinator niet is aangesteld. De coördinator-verwezenlijking wordt vóór de start van de werken aangesteld. Beide functies kunnen door dezelfde persoon worden ingevuld als die aan de wettelijke vereisten voldoet. Hun opdrachten omvatten de toepasselijke coördinatie-instrumenten; dat is niet op elke werf automatisch hetzelfde pakket.

  4. 04

    Wie stelt de coördinator aan?

    Onder 500 m² (afdeling II) stelt de bouwdirectie belast met het ontwerp de coördinator-ontwerp aan. De coördinator-verwezenlijking wordt aangesteld door de bouwdirectie belast met de controle op de uitvoering; ontbreekt die, dan rust de plicht volgens de wettelijke volgorde op de bouwdirectie of bouwdirecties belast met de uitvoering. Een opdrachtgever die werkgever is, mag die verplichting onder de voorwaarden van het KB overnemen. Vanaf 500 m², en voor andere bouwplaatsen waarop afdeling III van toepassing is, stelt de opdrachtgever de coördinatoren aan.

  5. 05

    Wanneer is een formele coördinatiestructuur nodig?

    Niet automatisch vanaf 500 m². Artikel 37 vraagt een coördinatiestructuur wanneer het vermoedelijke werkvolume meer dan 5.000 mandagen bedraagt óf de geraamde prijs meer dan 2,5 miljoen euro exclusief btw bedraagt (basisbedrag, wettelijk geïndexeerd), én minstens drie aannemers gelijktijdig werken uitvoeren. Op andere bouwplaatsen richt de opdrachtgever ze ook op na een gemotiveerd verzoek van de coördinator-verwezenlijking.

Welke coördinatie-instrumenten gelden?

Het KB differentieert volgens regime, risico en omvang. Gebruik dus niet automatisch hetzelfde documentpakket op elke werf.

InstrumentWat het isWanneer
V&G-plan of schriftelijke overeenkomstLegt de relevante risico's, preventiemaatregelen en afspraken tussen de tussenkomende partijen vast.Onder 500 m²: een vereenvoudigd V&G-plan bij de risico's of omvang van artikel 26, § 1 of § 2; voor de andere werven van artikel 26, § 3 in beginsel een schriftelijke overeenkomst volgens artikel 29. Onder afdeling III: een volledig plan voor § 1/§ 2 en een vereenvoudigd plan voor § 3.
CoördinatiedagboekChronologisch register waarin de coördinator vaststellingen, afspraken, incidenten en opmerkingen tijdens de werf noteert.Verplicht onder afdeling III, al kan de toepassing bij een werf van artikel 26, § 3 worden beperkt. Niet universeel verplicht onder afdeling II; daar kan de coördinator het eventueel gebruiken.
Postinterventiedossier (PID)Dossier afgestemd op de kenmerken van het bouwwerk met nuttige gegevens voor veiligheid en gezondheid bij latere werken of onderhoud.Verplicht voor de bouwplaatsen waarop afdelingen II en III van toepassing zijn. De vereiste inhoud verschilt volgens het regime en artikel 26; het dossier wordt geactualiseerd en bij oplevering overgedragen.

Veiligheidscoördinatie en risicoanalyse hangen samen

Coördinatie staat of valt met een degelijke risicoanalyse van de werf. Het toepasselijke V&G-plan of de schriftelijke overeenkomst vertrekt van de geïdentificeerde risico's, zoals gelijktijdige werken op hoogte, kraanbewegingen, sleuven, elektriciteit, asbest of beperkte ruimtes. De coördinator vertaalt die risico's naar concrete afspraken tussen de partijen en volgt de toepassing ervan op.

PreventX begeleidt bouwheren en aannemers met praktische veiligheidscoördinatie en houdt de toepasselijke instrumenten actueel. Waar de regelgeving of de beschikbare interne deskundigheid dat vraagt, doet de werkgever aanvullend beroep op zijn Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk (preventiepartners). De wettelijke rollen van opdrachtgever, bouwdirecties en coördinator blijven daarbij ongewijzigd.

Praktijktoets

Wat moet aantoonbaar kloppen?

01

Projecttoets

Bepaal aan de hand van de concrete werf en betrokken aannemers of coördinatie in ontwerp en/of verwezenlijking vereist is.

02

Informatieflow

Leg vast wie ontwerpwijzigingen, planningsconflicten en restrisico's tijdig aan de coördinator meldt.

03

Overdracht

Controleer dat het toepasselijke plan of de schriftelijke overeenkomst, het eventuele coördinatiedagboek en het postinterventiedossier overeenstemmen met het uitgevoerde werk.

Veelgestelde vragen

Wanneer is een veiligheidscoördinator wettelijk verplicht?

Een veiligheidscoördinator is verplicht zodra op een tijdelijke of mobiele bouwplaats werken worden uitgevoerd door minstens twee aannemers, gelijktijdig of achtereenvolgens. Dit staat in het KB van 25 januari 2001 en hoofdstuk V van de Welzijnswet. Werkt één enkele aannemer alleen, dan geldt de coördinatieverplichting in principe niet.

Wat is het verschil tussen coördinator-ontwerp en coördinator-verwezenlijking?

De coördinator-ontwerp coördineert tijdens de studie- en ontwerpfase en bereidt de toepasselijke coördinatie-instrumenten en het postinterventiedossier voor. De coördinator-verwezenlijking actualiseert de toepasselijke instrumenten en coördineert tijdens de uitvoering. Een coördinatiedagboek is daarbij niet universeel verplicht onder afdeling II. Dezelfde persoon mag beide functies vervullen als aan de wettelijke vereisten is voldaan.

Wat betekent de drempel van 500 m²?

De drempel van 500 m² bepaalt niet of coördinatie verplicht is. Zij bepaalt het toepasselijke regime, de aansteller en de instrumenten: onder 500 m² stellen de bevoegde bouwdirecties aan; onder afdeling III doet de opdrachtgever dat. De formele coördinatiestructuur heeft andere criteria: meer dan 5.000 mandagen óf de geïndexeerde prijsdrempel, én minstens drie gelijktijdige aannemers, of een gemotiveerd verzoek van de coördinator-verwezenlijking.

Welke documenten houdt een veiligheidscoördinator bij?

Dat hangt af van regime, risico en omvang. Onder 500 m² kan artikel 26, § 3 leiden tot een schriftelijke overeenkomst in plaats van een V&G-plan; bij de risico's of omvang van § 1 of § 2 geldt een vereenvoudigd plan. Het coördinatiedagboek is in afdeling II niet universeel verplicht. Het PID is wel verplicht waar de desbetreffende afdelingen van het KB van toepassing zijn.

Is een veiligheidscoördinator hetzelfde als een preventieadviseur?

Nee. De veiligheidscoördinator coördineert specifiek de welzijnsmaatregelen tussen aannemers op een tijdelijke of mobiele bouwplaats onder het KB van 25 januari 2001. De preventieadviseur adviseert binnen de werkgever over welzijn op het werk in het algemeen, krachtens de Welzijnswet en de Codex. Op een bouwwerf kunnen beide rollen samen voorkomen.

Wat is het postinterventiedossier (PID)?

Het postinterventiedossier is afgestemd op de kenmerken van het bouwwerk en bevat nuttige gegevens voor veiligheid en gezondheid bij latere werken, onderhoud of verbouwingen. Op bouwplaatsen waarop de PID-bepalingen van het KB gelden, wordt het dossier opgebouwd en geactualiseerd en bij oplevering overgedragen. De vereiste inhoud verschilt naargelang het toepasselijke regime.

Primaire bronnen

Officiële referenties

Controleer bij een concrete beslissing steeds de actuele geconsolideerde tekst. De onderstaande overheidsbronnen zijn het vertrekpunt van dit dossier.

Bronnen en wettelijke referenties

Veiligheidscoördinatie voor uw werf goed geregeld?

Wij toetsen de aannemers, oppervlakte, risico's en omvang, bepalen wie moet aanstellen en werken het toepasselijke V&G-plan of de schriftelijke overeenkomst, het eventuele coördinatiedagboek en het PID uit.