Ja. Persoonlijke valbeveiliging die niet blijvend bevestigd is, zoals een harnasgordel, valdemper en verbindingslijn, wordt minstens om de twaalf maanden onderzocht door een Externe Dienst voor Technische Controles (EDTC) die erkend is voor de controle van hefwerktuigen, en telkens wanneer de uitrusting een val heeft gestuit. Blijvend bevestigde valbeveiliging wordt onderzocht na elke gestuite val. Gebruik en onderhoud volgens de gebruiksaanwijzing van de fabrikant blijven voor alle valbeveiliging gelden. Daarnaast laat u bij elk gebruik nagaan of de uitrusting nog in orde is, door een lid van de hiërarchische lijn of een werknemer die daarvoor is opgeleid en aangeduid. De EDTC volgt de controle-instructies van de fabrikant en maakt een verslag, dat u ter beschikking houdt van de inspectie. Uitrusting die volgens dat verslag geen voldoende veiligheidswaarborgen meer biedt, stelt u buiten dienst. Na de levensduur of de vervaldatum die de fabrikant opgeeft, verwijdert u de uitrusting.