Gecertificeerde PreventieadviseursWelzijnswet

Welzijnswet uitgelegd — verplichtingen werkgevers 2026

Welzijnswet verplicht élke Belgische werkgever tot preventiebeleid. Ontdek in deze gids de 5 kerntaken, praktische stappen en veelgemaakte fouten bij naleving in 2026.

· bijgewerkt 13 min leestijdNL

Als werkgever in België bent u wettelijk verplicht het welzijn op het werk te garanderen. De Welzijnswet van 4 augustus 1996 is daar het fundament van — en geldt voor élk bedrijf, van eenmanszaak tot multinational. Toch zie ik in mijn werk als preventieadviseur dat KMO-werkgevers vaak worstelen met de praktische vertaling: welke stappen zijn concreet verplicht, welke documenten moet je hebben, en wanneer schakel je een externe preventieadviseur in? In dit artikel leggen we de Welzijnswet helder uit, met de vijf kerntaken die elke werkgever in 2026 moet uitvoeren, een praktijkvoorbeeld uit de bouwsector en een checklist om uw naleving direct te controleren. U leert precies wat de wet vraagt, hoe u voldoet aan de Codex-verplichtingen en welke fouten u kosten en sancties besparen.

TL;DR

  • De Welzijnswet verplicht élke werkgever tot risicoanalyse, preventiemaatregelen en aanstelling preventieadviseur.
  • De vijf kerntaken: risicoanalyse, preventiemaatregelen, opleiding werknemers, arbeidsgezondheidsbewaking en registratie incidenten.
  • Veelgemaakte fout: geen of verouderde risicoanalyse — sanctie tot €6.000 per overtreding.
  • Start nu: controleer of uw globaal preventieplan jonger is dan vijf jaar.

Wat is Welzijnswet? — definitie en wettelijk kader

De Welzijnswet is de Belgische wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk. Deze wet verplicht elke werkgever een preventiebeleid te voeren rond zeven aspecten: arbeidsveiligheid, bescherming gezondheid, psychosociale aspecten, ergonomie, arbeidshygiëne, verfraaiing arbeidsplaatsen en maatregelen van de onderneming inzake leefmilieu.

De wet wordt uitgewerkt in de Codex over het welzijn op het werk, met name Boek I Titel 2 artikel I.2-1 tot I.2-6. Artikel I.2-1 stelt: "De werkgever neemt de nodige maatregelen om het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk te bevorderen." De Codex is een levend document dat voortdurend wordt aangevuld met nieuwe Koninklijke Besluiten (KB's). Een overzicht vindt u op de algemene principes-pagina van FOD WASO.

Concreet betekent dit voor Belgische werkgevers dat u — ongeacht sector of grootte — verplicht bent:

  • Een preventieadviseur aan te stellen (intern of via externe dienst)
  • Een risicoanalyse uit te voeren en regelmatig bij te werken
  • Een globaal preventieplan (GPP) en jaarlijks actieplan op te stellen
  • Uw werknemers te informeren, opleiden en laten participeren (bijvoorbeeld via het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk, als uw bedrijf ≥50 werknemers telt)
  • Arbeidsgezondheidsbewaking te organiseren via een Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk (preventiepartners)

In de bouwsector — waar ik veel actief ben — zien we dat de Welzijnswet zich vertaalt in veiligheids- en gezondheidsplannen (V&G-plan) per bouwwerf, VCA-certificering en strakke procedures rond werken op hoogte en hijskranen. In logistiek en warehousing draait het vaak om heftruckopleidingen, laad-/loszones en voorkoming arbeidsongevallen met interne transportmiddelen. Voor facilitybedrijven ligt de nadruk op chemische agentia (Titel 6 van de Codex), LMRA (Last Minute Risk Analysis) en psychosociale risico's bij eenzaam werken (nachtdiensten, security).

Welzijnswet — Stap-voor-stap aanpak

Stap 1: Stel een preventieadviseur aan

Elke werkgever moet binnen de drie maanden na het in dienst nemen van de eerste werknemer een preventieadviseur aanstellen. Voor bedrijven met minder dan 20 werknemers kan de werkgever zelf die rol op zich nemen (mits de wettelijk vereiste basisopleiding van 32 uur), of u stelt een interne of externe preventieadviseur aan. Vanaf 20 werknemers is een interne preventieadviseur verplicht, én u moet ook aansluiten bij een preventiepartners voor de wettelijk verplichte taken (arbeidsgezondheidsbewaking, bedrijfsgeneeskundige begeleiding). Registreer uw preventieadviseur in de databank van FOD WASO via het meldingssysteem. Voor de externe preventieadviseur gelden niveauvereisten: Niveau I (universitair diploma + opleiding), Niveau II (bachelor + opleiding) of Niveau III (specifieke modules). PreventX, het Belgische operationele preventiebureau (externe preventieadviseur, geen gespecialiseerde preventiepartners), levert gecertificeerde Niveau I- en II-adviseurs die uw preventiebeleid operationeel uitvoeren — naast uw verplichte aansluiting.

Stap 2: Voer een risicoanalyse uit

De risicoanalyse — ook wel risicoëvaluatie of gevarenanalyse genoemd — is de hoeksteen van het preventiebeleid. Volgens artikel I.2-6 van de Codex identificeert u per werkpost en activiteit de gevaren, evalueert u de risico's (kans × ernst) en bepaalt u welke preventiemaatregelen nodig zijn. Gebruik de dynamische risicoanalyse-methodiek: niet één keer invullen en vergeten, maar levend document dat u bij wijzigingen (nieuwe machines, andere werkprocessen, incidenten) aanpast. In de praktijk werk ik met het Kinney-model (risicoscore = kans × frequentie × ernst) voor objectieve scoring. Voor chemische risico's gebruikt u de Stoffenmanager of RA-tool van uw preventiepartners. Voor psychosociale risico's is er sinds het KB van 10 april 2014 een verplicht tweeledige aanpak: enerzijds een basisrisicoanalyse via gevalideerde vragenlijst (Belgische Methode Psychosociale Risico's of vergelijkbaar), anderzijds bijkomende analyse bij signalen van stress of burn-out. De risicoanalyse documenteert u schriftelijk en bewaart u minimaal vijf jaar.

Stap 3: Stel een globaal preventieplan op

Het globaal preventieplan (GPP) is uw strategisch meerjarenplan (vijf jaar) voor welzijn op het werk. Het bevat:

  • De structuur van het preventiebeleid (wie doet wat — preventieadviseur, lijnmanagement, vertrouwenspersoon)
  • De resultaten van de risicoanalyse per afdeling of werkpost
  • De preventiemaatregelen met prioriteit en planning
  • De middelen (budget, personeel, externe partners)
  • De evaluatiemomenten en overlegstructuren (CPBW-vergaderingen, toolboxmeetings)

Articel I.2-7 van de Codex verplicht het GPP schriftelijk vast te leggen en regelmatig (minstens jaarlijks) te evalueren. Het GPP wordt besproken in het CPBW of, bij afwezigheid daarvan, met de vakbondsafvaardiging of rechtstreeks met de werknemers. Vanaf dit GPP werkt u jaarlijks een operationeel actieplan uit: welke concrete acties voert u dit jaar uit (training hijskranen Q2, aanschaf nieuwe ladders Q3, psychosociale audit Q4), met budget en verantwoordelijke. Ik zie in de praktijk dat bedrijven zonder duidelijk actieplan hun GPP laten versloffen — het blijft dan een bureaulade-document in plaats van een levend instrument.

Stap 4: Organiseer opleiding en informatie

Artikel I.4-6 van de Codex stelt dat elke werknemer een toereikende vorming en informatie moet krijgen over de risico's en preventiemaatregelen. Dit betekent concreet:

  • Onthaaltraining voor nieuwe werknemers (eerste werkdag: instructie vluchtroutes, noodprocedures, PBM-gebruik)
  • Functiespecifieke opleiding (heftruckcertificaat, VCA-VOL diploma, werken op hoogte volgens KB van 31 augustus 2005)
  • Periodieke opfrissing (jaarlijkse brandoefening, toolbox-meetings, LMRA-coaching)
  • Toolbox-meetings of werkpostinstructies bij wijziging werkwijze of na incident

Documenteer elke opleiding: wie, wanneer, welk onderwerp, handtekening deelnemer. Bij inspectie door de Toezicht Welzijn op het Werk is dit het eerste dat wordt gevraagd. Voor risicovolle taken (asbest, elektriciteit, ATEX-zones) zijn specifieke wettelijke opleidingen verplicht — zie de toepasselijke KB's per risico op de Codex-website.

Stap 5: Registreer en analyseer incidenten

Elk arbeidsongeval met arbeidsonvermogelijkheid langer dan één dag (buiten de dag van het ongeval) moet binnen acht dagen gemeld worden aan de preventiepartners en de arbeidsauditeur, via het elektronisch aangifte-systeem op aangiftearbeidsongevallen.be. Ernstige arbeidsongevallen (overlijden, blijvende invaliditeit ≥10%, fracturen, amputaties, oogletsel, elektrocutie, vergiftiging) moeten onmiddellijk telefonisch gemeld aan Toezicht Welzijn op het Werk — zij starten een inspectie ter plaatse. Registreer ook bijna-ongevallen en onveilige situaties in een incidentenregister (geen wettelijke verplichting, maar beste praktijk en ISO 45001-eis). Analyseer de oorzaken met een rootoorzaak-methodiek (5x Waarom, Ishikawa-diagram) en neem structurele preventiemaatregelen. Het loutere invullen van een ongevalsaangifte volstaat niet — artikel I.2-3 van de Codex verplicht u structurele verbetermaatregelen te nemen om herhaling te voorkomen. Bewaar incidentendocumentatie minimaal tien jaar (arbeidsongevallen) of vijf jaar (bijna-ongevallen).

Praktische checklist — wat moet erin?

  • Preventieadviseur aangesteld en geregistreerd bij FOD WASO (intern of extern, Niveau I/II/III afhankelijk bedrijfsgrootte)
  • Aansluiting bij gespecialiseerde preventiepartners actief (arbeidsgezondheidsbewaking, periodieke medische onderzoeken ingepland)
  • Risicoanalyse uitgevoerd voor alle werkposten en activiteiten, niet ouder dan vijf jaar
  • Globaal preventieplan (GPP) opgesteld, maximaal vijf jaar oud, jaarlijks geëvalueerd in overlegorgaan
  • Jaarlijks actieplan preventie gedocumenteerd met concrete acties, budget en verantwoordelijken
  • Onthaaltraining nieuwe medewerkers gedocumenteerd (datum, onderwerpen, handtekening)
  • Functiespecifieke opleidingen afgerond en certificaten bewaard (heftruckcertificaat, VCA-VOL, werken op hoogte)
  • Jaarlijkse brandoefening uitgevoerd en geëvalueerd (evacuatieoefening, blussimulatie indien verplicht)
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) beschikbaar, onderhouden en CE-gecertificeerd (helm, veiligheidsschoenen, handschoenen, gehoorbescherming)
  • Werkinstructies en veiligheidsfiches beschikbaar op werkplek (taalmix indien nodig — Pools, Roemeens, Engels)
  • Incidentenregistratie actief: arbeidsongevallen, bijna-ongevallen, onveilige situaties digitaal of papier gelogd
  • Arbeidsongeval-aangiften binnen acht dagen ingediend via aangiftearbeidsongevallen.be
  • Arbeidsmiddelen en machines gekeurd volgens wettelijke frequentie (jaarlijks ladder-inspectie, driemaandelijks hijsmiddelen, jaarlijks elektrische installaties)
  • Noodplan en evacuatieplan opgesteld, actueel en zichtbaar opgehangen (plattegrond met vluchtroutes, verzamelpunt)
  • EHBO-materiaal beschikbaar en aangevuld, EHBO-verantwoordelijke aangeduid en opgeleid

Veelgemaakte fouten in de praktijk

  1. Geen of verouderde risicoanalyse — Ik kom regelmatig bedrijven tegen waar de risicoanalyse dateert van 2014 of zelfs ontbreekt. De wet eist een update bij elke wezenlijke wijziging (nieuwe machine, ander product, verhuis locatie) én minstens om de vijf jaar. Bij inspectie leidt dit tot een waarschuwing of zelfs een sanctie tot €6.000 per overtreding (niveau 2 van de Welzijnswet). Voorkom dit door een jaarlijkse review in te plannen (bijvoorbeeld in Q1) en de preventieadviseur de analyse te laten updaten bij wijzigingen.

  2. Preventieadviseur op papier, niet in de praktijk — Veel KMO's stellen formeel een preventieadviseur aan om aan de wet te voldoen, maar betrekken die persoon niet bij beslissingen over aanschaf machines, verbouwingen of nieuwe processen. Het gevolg: risico's worden pas achteraf ontdekt, wat dure aanpassingen vergt. Betrek uw preventieadviseur vanaf de ontwerpfase (nieuwe productielijn, relocatie magazijn) — dat bespaart kosten én voorkomt non-conformiteiten. In grote bouwprojecten is dit wettelijk verplicht via de coördinatieveiligheid-ontwerp (Koninklijk Besluit van 25 januari 2001).

  3. Onvolledige opleidingsregistratie — Bij inspecties vraagt Toezicht Welzijn op het Werk altijd naar bewijs van opleiding. Werkgevers zeggen dan "Ja, Piet heeft de heftrucktraining gevolgd", maar hebben geen certificaat of presentielijst. Zonder bewijs geldt de opleiding als niet gegeven — sanctie én aansprakelijkheid bij ongeval. Los dit op met een digitaal opleidingsregister (Excel of HR-software) waarin u per medewerker alle certificaten, verloopdatums en opfriscyclus bijhoudt. Scan certificaten in en bewaar ze centraal. Voor VCA-diploma's checkt u de geldigheid via VCA-online.nl (ook voor Belgische certificaten geldig).

  4. Geen evaluatie na incident — Bedrijven vullen braaf de ongevalsaangifte in, maar voeren geen rootoorzaak-analyse uit en nemen geen structurele maatregel. Drie maanden later gebeurt een gelijkaardig ongeval — dan vraagt Toezicht Welzijn op het Werk waarom u niet hebt bijgestuurd. Voer na elk incident met verzuim een kort onderzoek uit (wie, wat, waar, waarom) en documenteer minimaal één preventieve actie. Bespreek incidenten in het CPBW of tijdens het maandelijks veiligheidsoverleg. Zo toont u aan dat u wél leert van fouten en continu verbetert.

Voorbeeld uit de praktijk

Takelaars Vermeulen NV, een kraanverhuur- en montagebedrijf uit de regio Antwerpen met 32 medewerkers, startte in januari 2024 met een volledige Welzijnswet-update. Het bedrijf had sinds 2018 geen risicoanalyse meer herzien en het globaal preventieplan was verlopen. Na een bijna-ongeval met een torenkraan (een lasverbinding brak tijdens hijswerk, lading viel 2 meter naast de kraanmachinist) besliste zaakvoerder Vermeulen tot grondige herziening.

Stap 1: Aanstelling externe preventieadviseur Niveau II voor operationele uitvoering (naast bestaande aansluiting Attentia). De adviseur voerde in februari 2024 een volledige risicoanalyse uit: 18 werkposten geanalyseerd (kraanmachinisten, lassers, logistiek, onderhoud), 64 risico's geïdentificeerd, prioritering volgens Kinney-methode.

Stap 2: De hoogste risico's — werken op hoogte (torenkraan-montage), hijsen lasten boven personen, laswerk in ATEX-zone — kregen onmiddellijke acties: aanschaf persoonlijke valstoppers (€4.800), hercertificering alle lassers (€2.200), gedragsprotocol "niemand onder hangende last".

Stap 3: Nieuw globaal preventieplan 2024-2028 opgesteld met zes strategische doelen (onder andere: nul ongevallen werken op hoogte, 100% VCA-VOL voor kraanmachinisten voor eind 2025) en jaarlijks budget van €12.000 voor opleiding en PBM.

Stap 4: Maandelijkse toolbox-meetings ingevoerd (elke eerste maandag, verplicht voor iedereen, agenda: recente incidenten + nieuw veiligheidsthema). Digitaal opleidingsregister opgezet in HR-software, alle certificaten gescand.

Stap 5: Incidentenregistratie via tablet-app: elke medewerker kan foto + korte beschrijving uploaden, preventieadviseur beoordeelt binnen 48 uur en plant corrigerende actie.

Resultaat na 12 maanden: Nul arbeidsongevallen met verzuim in 2024 (2023: twee ongevallen), VCA-certificering behaald augustus 2024, positieve bevindingen bij klant-audit (grote bouwpromotor) november 2024. Investering €18.000, besparing op verzekeringspremie €3.200/jaar.

ElementDetail
BedrijfTakelaars Vermeulen NV, regio Antwerpen
SectorKraanverhuur en montage
Medewerkers32 FTE (kraanmachinisten, lassers, logistiek)
AanleidingBijna-ongeval torenkraan januari 2024
ActieVolledige Welzijnswet-update: risicoanalyse, GPP, toolbox-meetings, VCA-traject
Investering€18.000 (preventieadviseur, PBM, opleidingen, certificering)
ResultaatNul ongevallen 2024, VCA-certificaat, lagere verzekeringspremie
TijdlijnStart januari 2024, VCA behaald augustus 2024, klant-audit geslaagd november 2024

Wanneer schakel je een externe preventieadviseur in?

Een externe preventieadviseur is verplicht als u geen interne preventieadviseur hebt (bedrijven <20 werknemers kunnen volstaan met externe adviseur), of wanneer de interne adviseur onvoldoende capaciteit of expertise heeft voor specifieke risico's. Concrete triggers om externe ondersteuning in te schakelen: (1) u groeit boven 20 medewerkers en moet een intern preventiebeleid formaliseren, (2) u werkt in SEVESO-bedrijf of Brzo-inrichting met bijzondere risico-eisen, (3) u ondergaat een VCA- of ISO 45001-audit en wilt compliance garanderen, (4) u krijgt een waarschuwing van Toezicht Welzijn op het Werk en moet snel corrigeren, (5) een ernstig arbeidsongeval vraagt grondige rootoorzaak-analyse en preventieplan, of (6) u hebt complexe psychosociale risico's (reorganisatie, hoog ziekteverzuim, klacht bij vertrouwenspersoon). PreventX levert operationele ondersteuning voor je dagelijkse preventiewerking: wij voeren de risicoanalyse uit, schrijven het GPP, begeleiden toolbox-meetings en auditeren uw naleving. Gecertificeerd Niveau I en II, start binnen 48 uur, actief in heel België. Bekijk onze dienstverlening op /diensten of neem contact op voor een vrijblijvend adviesgesprek.

Bronnen en verdere lectuur

FAQ

Wat is Welzijnswet?

De Welzijnswet is de Belgische wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van werknemers bij de uitvoering van hun werk. Zij verplicht elke werkgever een preventiebeleid te voeren rond zeven welzijnsdomeinen: arbeidsveiligheid, gezondheid, psychosociale aspecten, ergonomie, arbeidshygiëne, verfraaiing arbeidsplaatsen en leefmilieu. De wet wordt uitgewerkt in de Codex over het welzijn op het werk en geldt voor alle sectoren en bedrijfsgroottes in België.

Wanneer is Welzijnswet verplicht?

De Welzijnswet is verplicht vanaf het moment dat u als werkgever in België één of meer werknemers tewerkstelt, ongeacht arbeidsovereenkomst (vast, tijdelijk, interim, student). Ook stagiairs en zelfstandige medewerkers op uw werkplek vallen onder uw welzijnsverantwoordelijkheid. Binnen drie maanden na het in dienst nemen van de eerste werknemer moet u een preventieadviseur aanstellen en een basisrisicoanalyse uitvoeren. Vanaf twintig werknemers is een interne preventieadviseur verplicht en moet u aansluiten bij een preventiepartners.

Wie is verantwoordelijk voor Welzijnswet?

De werkgever draagt de eindverantwoordelijkheid voor naleving van de Welzijnswet en het welzijn van zijn werknemers (artikel I.2-1 Codex). De preventieadviseur — intern of extern — adviseert en ondersteunt de werkgever bij uitvoering van het preventiebeleid, maar neemt de verantwoordelijkheid niet over. Lijnmanagers en werknemers hebben een medeverantwoordelijkheid: leidinggevenden passen preventiemaatregelen toe, werknemers werken mee aan veiligheidsvoorschriften en melden risico's. Bij bedrijven met minimaal vijftig werknemers adviseert het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW).

Hoe vaak moet Welzijnswet uitgevoerd worden?

De Welzijnswet vraagt een continu, dynamisch preventiebeleid. De risicoanalyse moet minstens om de vijf jaar herzien worden én bij elke wezenlijke wijziging (nieuwe machines, producten, processen, locatie). Het globaal preventieplan (GPP) stelt u op voor vijf jaar, maar u evalueert het jaarlijks en werkt het bij indien nodig. Het jaarlijks actieplan stelt u elk jaar op. Opleidingen en instructies geeft u bij indiensttreding, bij functiewijziging en periodiek (bijvoorbeeld jaarlijkse brandoefening). Arbeidsgezondheidsbewaking volgt de wettelijke frequentie: jaarlijks, tweejaarlijks of vijfjaarlijks afhankelijk van risicogroep.

Wat zijn de gevolgen bij niet-naleving?

Bij niet-naleving van de Welzijnswet riskeert u administratieve boetes opgelegd door Toezicht Welzijn op het Werk (niveau 2 tot €6.000 per overtreding, niveau 3 tot €12.000, niveau 4 tot €60.000 bij herhaling of collectieve inbreuk). Bij ernstige inbreuken (werken zonder risicoanalyse, geen EHBO, geen evacuatieplan) kan de inspectie uw activiteiten stilleggen tot u de non-conformiteit opheft. Daarnaast bent u burgerlijk en strafrechtelijk aansprakelijk bij arbeidsongevallen door uw nalatigheid — verzekeraar kan verhaal nemen en slachtoffer kan schadevergoeding eisen boven de wettelijke arbeidsongevallenverzekering.

Kan PreventX dit voor mij regelen?

Ja, PreventX regelt de volledige operationele uitvoering van de Welzijnswet voor Belgische werkgevers. Wij voeren de risicoanalyse uit, stellen uw globaal preventieplan en jaarlijks actieplan op, verzorgen toolbox-meetings en opleidingen, registreren incidenten en adviseren bij compliance-vragen. Als externe preventieadviseur Niveau I en II werken wij naast uw verplichte aansluiting (die blijft u nodig houden voor arbeidsgezondheidsbewaking). Wij starten binnen 48 uur na aanvraag, actief in heel België. Neem contact op via /contact voor een gratis quickscan van uw huidige naleving.

Veelgestelde vragen

Wat is Welzijnswet?

De Welzijnswet is de Belgische wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van werknemers bij de uitvoering van hun werk. Zij verplicht elke werkgever een preventiebeleid te voeren rond zeven welzijnsdomeinen: arbeidsveiligheid, gezondheid, psychosociale aspecten, ergonomie, arbeidshygiëne, verfraaiing arbeidsplaatsen en leefmilieu. De wet wordt uitgewerkt in de Codex over het welzijn op het werk en geldt voor alle sectoren en bedrijfsgroottes in België.

Wanneer is Welzijnswet verplicht?

De Welzijnswet is verplicht vanaf het moment dat u als werkgever in België één of meer werknemers tewerkstelt, ongeacht arbeidsovereenkomst (vast, tijdelijk, interim, student). Ook stagiairs en zelfstandige medewerkers op uw werkplek vallen onder uw welzijnsverantwoordelijkheid. Binnen drie maanden na het in dienst nemen van de eerste werknemer moet u een preventieadviseur aanstellen en een basisrisicoanalyse uitvoeren. Vanaf twintig werknemers is een interne preventieadviseur verplicht en moet u aansluiten bij een preventiepartners.

Wie is verantwoordelijk voor Welzijnswet?

De werkgever draagt de eindverantwoordelijkheid voor naleving van de Welzijnswet en het welzijn van zijn werknemers (artikel I.2-1 Codex). De preventieadviseur — intern of extern — adviseert en ondersteunt de werkgever bij uitvoering van het preventiebeleid, maar neemt de verantwoordelijkheid niet over. Lijnmanagers en werknemers hebben een medeverantwoordelijkheid: leidinggevenden passen preventiemaatregelen toe, werknemers werken mee aan veiligheidsvoorschriften en melden risico's. Bij bedrijven met minimaal vijftig werknemers adviseert het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW).

Hoe vaak moet Welzijnswet uitgevoerd worden?

De Welzijnswet vraagt een continu, dynamisch preventiebeleid. De risicoanalyse moet minstens om de vijf jaar herzien worden én bij elke wezenlijke wijziging (nieuwe machines, producten, processen, locatie). Het globaal preventieplan (GPP) stelt u op voor vijf jaar, maar u evalueert het jaarlijks en werkt het bij indien nodig. Het jaarlijks actieplan stelt u elk jaar op. Opleidingen en instructies geeft u bij indiensttreding, bij functiewijziging en periodiek (bijvoorbeeld jaarlijkse brandoefening). Arbeidsgezondheidsbewaking volgt de wettelijke frequentie: jaarlijks, tweejaarlijks of vijfjaarlijks afhankelijk van risicogroep.

Wat zijn de gevolgen bij niet-naleving?

Bij niet-naleving van de Welzijnswet riskeert u administratieve boetes opgelegd door Toezicht Welzijn op het Werk (niveau 2 tot €6.000 per overtreding, niveau 3 tot €12.000, niveau 4 tot €60.000 bij herhaling of collectieve inbreuk). Bij ernstige inbreuken (werken zonder risicoanalyse, geen EHBO, geen evacuatieplan) kan de inspectie uw activiteiten stilleggen tot u de non-conformiteit opheft. Daarnaast bent u burgerlijk en strafrechtelijk aansprakelijk bij arbeidsongevallen door uw nalatigheid — verzekeraar kan verhaal nemen en slachtoffer kan schadevergoeding eisen boven de wettelijke arbeidsongevallenverzekering.

Kan PreventX dit voor mij regelen?

Ja, PreventX regelt de volledige operationele uitvoering van de Welzijnswet voor Belgische werkgevers. Wij voeren de risicoanalyse uit, stellen uw globaal preventieplan en jaarlijks actieplan op, verzorgen toolbox-meetings en opleidingen, registreren incidenten en adviseren bij compliance-vragen. Als externe preventieadviseur Niveau I en II werken wij naast uw verplichte aansluiting (die blijft u nodig houden voor arbeidsgezondheidsbewaking). Wij starten binnen 48 uur na aanvraag, actief in heel België. Neem contact op via /contact voor een gratis quickscan van uw huidige naleving.

Laat onze preventieadviseurs dit voor je maken

PreventX werkt met ervaren HSE-adviseurs die jouw RI's, toolboxen en veiligheidsdocumenten volledig opstellen en onderhouden.